Het sociaal statuut en de onkostenvergoeding

Veel gestelde vragen

 

Mag de sociale dienst van een school rekening houden met de onkostenvergoedingen die een kinderbegeleider in die in de gezinsopvang ontvangt om te bepalen of zij recht heeft op studietoelagen voor haar studerende kinderen?

Een alleenstaande kinderbegeleider in de gezinsopvang met kinderen heeft het moeilijk om rond te komen en dient bij het OCMW een aanvraag in om aanspraak te maken op een leefloon. Kan het OCMW hierbij rekening houden met de onkostenvergoeding die de kinderbegeleider ontvangt?

Andere thema's

 

  
Antwoorden 


Mag de sociale dienst van een school rekening houden met de onkostenvergoedingen die een kinderbegeleider in die in de gezinsopvang ontvangt om te bepalen of zij recht heeft op studietoelagen voor haar studerende kinderen?

De onkostenvergoeding toegekend aan een kinderbegeleider in de gezinsopvang die aangesloten is bij een organisator gezinsopvang, is geen belastbaar beroepsinkomen.
Die vergoeding mag worden geacht uitsluitend de uitgaven voor onderhoud, voeding en behandeling van de kinderen te vertegenwoordigen en mag bijgevolg niet in aanmerking genomen worden bij het bepalen van het referentie-inkomen.

Naar vragenlijst 
                                                                                                                                                                       
Andere thema's


Een alleenstaande kinderbegeleider in de gezinsopvang met kinderen heeft het moeilijk om rond te komen en dient bij het OCMW een aanvraag in om aanspraak te maken op een leefloon. Kan het OCMW hierbij rekening houden met de onkostenvergoeding die de kinderbegeleider ontvangt?

Elk OCMW moet een bestaansmiddelenonderzoek doen om te bepalen op welk leefloonbedrag een aanvrager recht heeft.
Als organisator  kan je het OCMW wijzen op het feit dat de betrokken kinderbegeleider noch werknemer, noch zelfstandige is, maar dat ze daarentegen geniet van een specifieke sociale bescherming. De kinderbegeleider ontvangt dan wel een onkostenvergoeding, maar deze kan niet beschouwd worden als een beroepsinkomen.
Het OCMW kan rekening houden met:
  • De  bepalingen in het Ministerieel Besluit van 9 juli 2001 houdende nadere bepalingen betreffende de kostenvergoeding voor opvanggezinnen, aangesloten bij een dienst voor opvanggezinnen (BS 29 september 2001). (momenteel onderzoekt het Ministerie van Financiën of aanpassingen nodig zijn in functie van het decreet kinderopvang)
  • De  commentaar bij artikel 23 van het Wetboek van Inkomstenbelasting (nummer 23/223): "De vergoeding per plaatsingsdag en per kind die via de organiserende dienst wordt toegekend aan opvanggezinnen die verbonden zijn aan een erkende dienst voor opvanggezinnen is geen belastbaar beroepsinkomen. Die vergoeding mag worden geacht uitsluitend de uitgaven voor onderhoud, voeding en behandeling van de kinderen te vertegenwoordigen". (momenteel onderzoekt het Ministerie van Financiën of aanpassingen nodig zijn in functie van het decreet kinderopvang)
  • Het  feit dat de dienst studietoelagen de onkostenvergoeding evenmin in rekening brengt om te bepalen of er een recht op studietoelage bestaat.
Deze bepalingen zijn echter niet dwingend voor het OCMW, zodat het in de praktijk mogelijk blijft dat OCMW's de onkostenvergoeding als "bestaansmiddel" beschouwen en op basis daarvan de toekenning van het leefloon weigeren.
In sommige gevallen zullen de OCMW's gedeeltelijk rekening houden met het kostendekkend karakter van de vergoeding en een 'stuk' leefloon toekennen.

Naar vragenlijst 
                                                                                                                                                                       
Andere thema's